Deltaprogramma 2022

De opgaven door klimaatverandering nemen toe: we ondervinden steeds extremer weer met plensbuien, hitte en droogte en moeten rekening houden met een versnelde stijging van de zeespiegel, veranderende rivierafvoeren en aanhoudende bodemdaling. In het nationaal Deltaprogramma staat hoe Nederland zorgt voor goede waterveiligheid, de beschikbaarheid van zoetwater en ruimtelijke adaptatie. In Deltaprogramma 2022 staan de voortgang in de periode 2020-2021 en de geplande maatregelen voor de komende jaren. 

Water meer sturend

Een belangrijke conclusie is dat de uitdagingen op het gebied van water meer sturend moeten zijn bij de ruimtelijke inrichting van Nederland, bijvoorbeeld bij plannen voor woningbouw, energievoorziening en infrastructuur. Alleen op die manier kunnen we Nederland klimaatbestendig en waterrobuust maken. Zo is het belangrijk om bij de toedeling van functies aan een gebied rekening te houden met de waterbeschikbaarheid en bij de bouw van nieuwe woningen rekening te houden met de gevolgen van overstromingen, wateroverlast, hitte en droogte. Door de verschillende grote maatschappelijke opgaven (zoals het woningtekort en de landbouwtransitie) slim te combineren, kunnen we Nederland toekomstbestendig maken.

Hoogwaterbeschermingsprogramma

In het Hoogwaterbeschermingsprogramma staan de dijkversterkingen die nodig zijn om de primaire waterkeringen in 2050 aan het wettelijk vereiste veiligheidsniveau te laten voldoen.  Het programma komt nu goed op stoom. Naar verwachting zijn in 2022 de versterkingsprojecten voor ruim 600 km primaire waterkeringen in voorbereiding of in uitvoering. Tot 2050 zijn volgens een eerste schatting dijkversterkingen over een totale lengte van 1300 km nodig. Alle primaire waterkeringen worden op dit moment beoordeeld. In 2023 weten we precies hoeveel dijkversterkingen nodig zijn.

Grondwater

De droge jaren sinds 2018 hebben laten zien dat grondwater in veel gebieden een kwetsbaar onderdeel is van de zoetwaterbeschikbaarheid. Daarom heeft grondwater een stevigere plaats in het Deltaprogramma Zoetwater gekregen. De zoetwaterregio’s op de hoge zandgronden hebben onderzocht hoe ze duurzaam om kunnen gaan met de grondwatervoorraden.

Zeespiegelstijging

De mogelijk versneld stijgende zeespiegel zal op termijn grote impact hebben op de waterveiligheidsopgave en de zoetwatervoorziening. De partners van het Deltaprogramma zijn in het Kennisprogramma Zeespiegelstijging gestart met analyses: hoe houdbaarheid en oprekbaarheid zijn de bestaande regionale strategieën? Per gebied verkennen we de gevolgen van extreme zeespiegelstijging, de opties voor de korte en de lange termijn en de mogelijke interactie met de investeringsagenda’s voor duurzame energie, woningbouw, infrastructuur, landbouw en natuur.

Programma Integraal Riviermanagement

In dit programma werken Rijk en regio aan een integrale visie op het rivierengebied. In 2021 zijn verschillende bouwstenen gereedgekomen. Dit jaar werken de partijen kansrijke alternatieven uit voor de rivierbodemligging en de afvoercapaciteit. In 2023 komt het voorkeursalternatief tot stand.

Voortgang per thema

Waterveiligheid

Nieuwe normen

Primaire waterkeringen (dijken, dammen, stortvloedkeringen en duinen) beschermen Nederland tegen overstromingen vanuit de zee, de grote rivieren en de grote meren. Alle primaire keringen in Nederland moeten in 2050 aan nieuwe normen voldoen. De waterschappen en Rijkswaterstaat brengen nu in kaart welke keringen aangepast moeten worden. In 2022 moeten deze beoordelingen klaar zijn. Uiterlijk 31 december 2023 informeert de minister van Infrastructuur en Waterstaat de Tweede Kamer over de uitkomsten.

Nog dertig jaar

Om in 2050 aan de nieuwe normen te kunnen voldoen, moet tussen nu en 2050 elk jaar gemiddeld 50 kilometer aan dijkversterkingen uitgevoerd worden. De eerste jaren gaat het langzamer, vanwege de lange voorbereiding, en daarna juist sneller. Voor de periode 2021-2032 staan op de planning:

  • De verbetering van 698 kilometer dijken
  • De verbetering van 171 kunstwerken in het Hoogwaterbeschermingsprogramma

Afsluitdijk

Een van de grotere dijkversterkingen is de versterking van de Afsluitdijk. Naast versterking van de dijk over meer dan dertig kilometer bestaat dit project uit de bouw van twee gemalen en twee keersluizen en het aanbrengen van een opening in de dijk voor vismigratie. Deze onderdelen komen volgens planning uiterlijk in 2023 gereed. Twee andere onderdelen van het project zijn vertraagd: de bouw van nieuwe spuisluizen en de renovatie van de bestaande spuisluizen. Deze zijn in 2025 gereed.

Ruimtelijke kwaliteit

In 2020 is voor de eerste keer gemonitord hoe duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit zijn geborgd in de dijkversterkingsprojecten. In bijna alle projecten blijken deze aspecten een plaats te krijgen. Hoe dat gebeurt en in welke mate, verschilt sterk. De HWBP-alliantie heeft de Programmatische aanpak Duurzaamheid en Ruimtelijke kwaliteit uitgebracht om duurzame, klimaatneutrale en circulaire dijkversterkingen met ruimtelijke kwaliteit te ondersteunen.

De duurzaamheidsroos voor dijkversterkingen

Naar het thema Waterveiligheid

Zoetwater

Voorkeursvolgorde

De zoetwatervoorziening moet weerbaar zijn tegen lange droge perioden. Dat blijkt opnieuw na de droge zomers van 2018 en 2019 en het droge voorjaar van 2020. Bij de herijking van het Deltaprogramma in 2020 is een voorkeursvolgorde voor regionaal waterbeheer geïntroduceerd: bij de ruimtelijke inrichting rekening houden met waterbeschikbaarheid, zuinig zijn met water, water vasthouden, water slim verdelen en schade accepteren. Deze uitgangspunten staan nu ook in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en het ontwerp Nationaal Waterprogramma 2022-2027 (NWP). 

Uitvoering

In 2020 zijn op allerlei plaatsen maatregelen voor zoetwater gereedgekomen. Zo stroomt er sinds eind 2020 weer water door de Roode Vaart door Zevenbergen. Voor het hoofdwatersysteem is de strategie Klimaatbestendige Zoetwatervoorziening Hoofdwatersysteem (KZH) opgesteld. De inzet van de KZH is het Rijn- en Maaswater efficiënter te benutten en het water bij schaarste te verdelen op basis van behoefte en metingen.

Extra investeringspakket

De partijen in het Deltaprogramma hebben een nieuw investeringspakket opgesteld voor zoetwatermaatregelen. Hiermee moet de zoetwatervoorziening via het hoofdwatersysteem en het regionale watersysteem klimaatbestendiger worden gemaakt. Denk aan maatregelen om water beter vast te houden in grond- en oppervlaktewater en betere sturingsmogelijkheden om zoetwater uit het hoofdwatersysteem te verdelen over de verschillende delen van Nederland in tijden van droogte. Het gaat om een bedrag van 800 miljoen euro in de periode 2022-2027. Het investeringspakket wordt gefinancierd uit het Deltafonds en aangevuld met financiering door provincies, waterschappen, gemeenten en andere partijen, waaronder drinkwaterbedrijven.

Naar het thema Zoetwater

Ruimtelijke adaptatie

Stresstesten, risicodialogen en uitvoeringsagenda's

Het overgrote deel van de waterschappen, gemeenten en provincies heeft met stresstesten de kwetsbaarheden voor extreem weer in kaart gebracht. zijn uitgevoerd. Bijna overal voeren de overheden risicodialogen met burgers, bedrijven en organisaties die de gevolgen van deze kwetsbaarheden direct merken. Ook hebben verschillende overheden een uitvoeringsagenda voor klimaatadaptatie vastgesteld. Dit zijn de eerste stappen uit het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie

Ook Rijkswaterstaat werkt aan stresstesten en (interne) risicodialogen, voor het hoofdwatersysteem en het hoofdvaarwegennet. In 2021 volgen externe risicodialogen. Daarna stelt Rijkswaterstaat een uitvoeringsagenda op. Prorail is met een vergelijkbaar proces bezig om te komen tot een uitvoeringsagenda voor klimaatadaptatie. Het ministerie van IenW ontwikkelt een afweegkader om klimaatadaptatie voor deze rijksnetwerken te implementeren.

Impulsregeling

Op 1 januari 2021 is de Impulsregeling klimaatadaptatie in werking getreden. Deze regeling richt zich op maatregelen in de periode 2021-2027. Een werkregio (of een combinatie van werkregio’s) kan een voorstel indienen. Voor de verdeling van de inzet van middelen over de werkregio’s hanteert het ministerie een verdeelsleutel op basis van inwoneraantal en oppervlakte. Het Rijk draagt maximaal 33% bij. De decentrale overheden in de werkregio maken onderling afspraken over de invulling van de 67% cofinanciering. In totaal is 600 miljoen euro beschikbaar.

Naar het thema Ruimtelijke adaptatie