Watergeschiedenis als gids voor de toekomst

Gastcolumn Rose-Marie Kaanen

Rose-Marie Kaanen komt uit een geslacht van molenaars en merkte als Algemeen Bestuurder van Waterschap Limburg dat die watergeschiedenis van de hoge gronden verloren is gegaan. Als bestuurder moet je volgens haar durven dromen over zowel het verleden als de toekomst. Want om verder te kunnen bouwen, moet je het verleden kennen. 

Beeld: © Joris Kuijper

Rose-Marie Kaanen en Louise van der Veen

Een stukje Brabantse water- en familiegeschiedenis

In 1968 wandel ik als kind met mijn oma langs de molenbeek. Ze leert mij de wilde aronskelk, de beekgrondel en alle vogels kennen. Aan deze beek stond eeuwenlang haar watermolen. De molenaar was de industrieel van de middeleeuwen. Kennis van water en de molen werd overgedragen. Een watermolen was letterlijk ‘een heerlijck bezit’ met zowel heerlijcke rechten, als plichten: een belangrijk centrum binnen de regionale economie en gemeenschap. Tijdens de industriële revolutie verdwenen veel molens met de gestuwde beken. 

In 1944, ten tijde van de slag om Overloon wordt ons molencomplex opgeblazen. Wanneer we in de jaren ’70 beginnen met de restauratie is de molen vooral een hobbyproject, maar de verknochtheid aan de plek blijft. Als het water van de beek door vervuiling inktzwart wordt, hangt mijn oma, uit protest, een spandoek op met de tekst ‘Dag bloemen, vogels, vissen’. Door de maatschappelijke druk wordt een waterzuivering gerealiseerd en krijgt de natuur de kans zich te herstellen. Waterschappen ontstaan daar waar vroeger de molens stonden.

In 2010 start het Waterschap Aa en Maas, binnen de Kaderrichtlijn Water (KRW), het project ‘Beekherstel Vierlingsbeekse Molenbeek’. Veel watermolenkennis is verdwenen, onder andere ook de kennis over hun rechtspositie. Samen met waterjurist Willem Heemskerk, die onderzoek deed naar oude molen- en stuwrechten, de ‘regalia minora’1, zorgen we ervoor dat de aanwezige molen en stuwrechten gerespecteerd worden en dat de molen een vispassage krijgt. Verder krijgt het sluizensysteem van de watermolen in Brabant een serieuze plek binnen modern waterbeheer.

Molenaanzicht 1845

Beeld: © Archief watermolen Vierlingsbeek

Verwoesting molen 1944

Beeld: © Archief watermolen Vierlingsbeek

Restauratie molen 1975

Beeld: © Archief watermolen Vierlingsbeek

Voortbouwen op de watergeschiedenis

Als ik in 2019 bestuurslid wordt bij Waterschap Limburg, lijkt de eeuwenoude Brabantse watermolengeschiedenis ver weg. Water afvoeren heeft prioriteit. De ruilverkaveling en de noodzaak tot droogleggen om grootschalige landbouw mogelijk te maken, heeft het ‘eb en vloed’-systeem van de watermolens doen verdwijnen. Bijna niemand kent de meer dan 2000 jaar oude watermolengeschiedenis nog. Maar vanwege de toenemende lange periodes van droogte, ontstaat de noodzaak om water juist weer vast te houden, een kans voor watermolens en watererfgoed.

Ik ontmoet ecohydroloog Hans de Mars, werkzaam bij Haskoning DHV. Hij doet onderzoek naar oude watermolenlandschappen en de rol die ze kunnen spelen bij klimaatadaptatie. In Brabant revitaliseert het waterschap De Dommel ondertussen de watermolens middels het erfgoeddealproject ‘Watermolenlandschappen’. Nu Limburg nog!

In oude stukken heb ik gelezen dat Limburg op het gebied van wet-, regelgeving en beleid vaak als laatste aanhaakt. Dit is zonde, aangezien Limburg nu juist een rijke watergeschiedenis met vele molens kent. Inmiddels zijn we drie jaar verder en gelukkig worden de eerste voorzichtige stappen gezet. Zo was de Portefeuillehouder Erfgoed van Waterschap Limburg aanwezig bij de themasessie ‘Netwerk Historisch Cultuurlandschap’ van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE). De RCE heeft verder de ‘watertijdreis’ in ons Algemeen Bestuur toegelicht. Dit is een digitale tool waarmee de relatie tussen bodem en watergeschiedenis inzichtelijk wordt gemaakt

Beeld: © P. Kaanen

Watermolen Vierlingsbeek

De volgende generatie

Een van de projecten waar erfgoed inmiddels een inspirator is voor de gebiedsplannen is ‘De Groene Rivier Well’. In dit project, waar het kasteel centraal staat, gaan rivierverruiming, dijkversterking, beekherstel en gebiedsinrichting hand in hand. Wout de Fijter, van ons Waterschap, en Keesjan van den Herik, (projectleider) doen hier hun stinkende best om dit samen met de partners te realiseren3. Het is een knallend begin, van hopelijk heel veel meer mooie projecten, waar erfgoed weer wordt gebruikt als inspirator en drager van modern waterbeheer.

Met mijn dochter ga ik er kijken. We wandelen langs het water en praten over waterbeheer, over vroeger en de bijzondere natuur. We praten over de verwevenheid der dingen, die de filosoof Bruno Latour  in zijn boeken zo treffend beschrijft. Hij inspireert ons om vernieuwend te denken over waterbeheer, waarbij cultuur, geschiedenis, rechten en natuur een evenwaardige stem hebben.

We vragen ons af wat er nog meer nodig is. ‘Groen-blauwe verbinders, zeg ik. Mensen die binnen waterbeheer cultuurhistorie, natuurbelangen en gebiedsinrichting integraal benaderen’. Mijn dochter stelt me gerust, de nieuwe generatie wordt in Delft interdisciplinair opgeleid. ‘Gescheiden kennis moet weer worden samengebracht’, zegt ze vastberaden. ‘En er moet een gedegen geschiedschrijving komen van de vergeten water- en watermolengeschiedenis van de hoge gronden’.

Noten

  1. W.F.A. Heemskerk, Oude molen- en stuwrechten: relicten van regalia minora
  2. http://watertijdreis.nl
  3. Ketenpartners Groene rivier Well: Waterschap Limburg, Gemeente Bergen, Provincie Limburg, Ministerie van IenW/Rijkswaterstaat, Van Oord, HaskoningDHV, Veenenbos en Bosch landschapsarchitecten