
De leukste baan ooit
Interview met Rob Bouman
Rob is bij de start van het interview wat gereserveerd. Later geeft hij toe dat hij er een beetje tegenop zag. Toen Marleen van Sluijters, redacteur Deltanieuws zoetwater, hem vroeg of ze hem mocht interviewen nu hij met pensioen gaat, om terug te kijken op zijn ervaringen binnen het Deltaprogramma en zijn rol als teamcoördinator waterbeschikbaarheid bij het ministerie van IenW, stond hij daar eerst niet zo voor open. Ze beloofde hem dat het geen ‘Opa vertelt…’-verhaal zou worden, maar een terugblik op wat hij zelf zijn leukste functie ooit noemt. Zodra hij daar eenmaal over begon te praten, kwam de welbekende lach op Rob zijn gezicht die het hele interview niet meer verdween.
Beeld: © Marleen van Sluijters
Rob Bouman
Sterk urgentiebesef aan de Beleidstafel Droogte
Rob herinnert zich het moment waarop hij voor het eerst aanschuift bij de Beleidstafel Droogte alsof het gisteren is. Vanaf het begin voelt hij een sterk urgentiebesef bij iedereen aan tafel: de droogte van 2018 was echt een ‘wake up call’. Bestuurders, beleidsmakers en waterbeheerders, alle neuzen stonden dezelfde kant op. Rob: ‘Het was heel hard werken, maar het heeft nooit zwaar gevoeld, omdat je weet: je bent bezig met iets wat er écht toe doet.’ En hij voelde zicht gesteund door het management en de zoetwatercommunity. Hij beschrijft de indruk die de vakmensen op hem maken. De enorme hoeveelheid kennis aan tafel, de betrokkenheid van waterbeheerders, en de lange traditie waarop hij voortbouwt. En daar stopt het niet: het lukte om samen met de regionale bestuurders 100 miljoen euro extra voor het Deltaprogramma Zoetwater beschikbaar te krijgen. Daarmee konden ze een maatregelenpakket van 800 miljoen euro samenstellen voor de periode 2022-2027. ‘Dat vond ik zo mooi, toen heb ik gedacht: dit blijf ik gewoon doen!’
‘We voelden dat het anders moest’
‘We waren daarvoor kampioen water afvoeren, zoals toenmalig minister Van Nieuwenhuizen aangaf. We voelden dat het anders moest’, vertelt Rob. Toentertijd bedacht hij voor een Kamerdebat de slogan “Nederland is een vergiet, en we moeten van dat vergiet weer een spons maken.” Tot zijn verrassing herhaalde de minister dat in de Kamer en het sloeg aan. Het is een belangrijke omslag in het watermanagement geweest: van water afvoeren naar water vasthouden. En met de beleidstafel kwam ook het besef dat we de opgave niet meer alleen in het waterdomein konden oplossen, maar dat ook de ruimtelijke inrichting aangepast moest worden. Dat geluid klonk eerder al, maar de droogte van 2018 en de beleidstafel gaven dat een enorme impuls. Inmiddels zijn alle aanbevelingen van de Beleidstafel Droogte gerealiseerd. Met de lessen die daar zijn geleerd zijn alle waterbeheerders veel beter in staat om maatschappelijke schade door watertekort te beperken.
Steile leercurve in de zoetwatermaterie
Als Rob vertelt over zijn tijd binnen het Deltaprogramma, valt direct op hoeveel nadruk hij legt op zijn collega’s en hoeveel hij van hen heeft mogen leren. Openhartig geeft hij toe dat hij aanvankelijk niet veel wist van het zoetwaterbeleid en het hoofdwatersysteem. ‘De inhoud pakte mij enorm bij de lurven,’ zegt hij, terugdenkend aan die eerste periode waarin hij zich door “learning on the job” de materie eigen maakt. ‘Het was een heel steile leercurve’. Als ik vraag naar hoogtepunten in zijn tijd bij het team waterbeschikbaarheid noemt hij zijn opdrachtgeverschap voor de Deltascenario’s 2024 en de mede daarop gebaseerde Kamerbrief ‘Nieuwe inzichten waterbeschikbaarheid’. Hij is ook zichtbaar trots op zijn team met een aantal jonge professionals die volgens hem de inhoud veel sneller beheersen dan hij destijds deed. En met zijn opvolger Martine Olde Wolbers weet hij dat zijn team in goede handen is.
‘Dat we een nationaal programma hebben, waarin we samenwerken met alle partijen, dat is puur goud’
Op de vraag hoe hij het Deltaprogramma heeft ervaren, beschrijft hij hoe waardevol deze constructie is: ‘De Deltacommissaris fungeert met zijn staf als een buitenboordmotor voor het waterbeleid en beheer. Maar bovenal is het Deltaprogramma een plek waar alle betrokkenen samenwerken: overheden, kennisinstellingen en NGO’s.’ Hij noemt het dan ook “puur goud” voor Nederland.
Tijd voor een nieuw hoofdstuk: plannen in overvloed
Wat hij gaat doen tijdens zijn pensioen? ‘Ik ga heel mindful mijn gras maaien’, grapt Rob. Hij blijft het onderwerp Zoetwater met belangstelling volgen, maar hij zal niet terugkeren via de draaideur. Zijn plannen zijn talrijk: reizen (Japan staat hoog op de lijst), tijd doorbrengen met zijn vrouw en twee zoons, en hobby’s als fietsen, zwemmen en fotograferen. Eén ding lijkt zeker: verveling ligt niet voor de hand. Al voegt hij, na het lange rijtje plannen, met een glimlach toe dat hij het eigenlijk wel fijn zou vinden om zich voor het eerst in lange tijd eens een keer te vervelen.
Aan het eind waag ik toch een poging om een wijze les te ontlokken. Ondanks de belofte om er geen ‘Opa vertelt…’-verhaal van te maken, vraag ik hem wat hij het Deltaprogramma zou toewensen voor de komende jaren.
‘Ik hoop dat het programma, en de manier waarop we samenwerken aan mooie dingen voor Nederland – want daar gaat het uiteindelijk om, het land een beetje mooier maken – nog heel lang kan doorgaan. Met hetzelfde enthousiasme en dezelfde gedrevenheid die er nu is.’