Met de aanbieding van een overkoepelend einddocument aan de Tweede Kamer is afgelopen vrijdag na zes jaar het Kennisprogramma Zeespiegelstijging afgerond. In het kennisprogramma is de afgelopen jaren onderzocht hoe we Nederland ook op de lange termijn veilig en leefbaar kunnen houden als de zeespiegel stijgt. In het programma werkten overheden samen met kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties, ingenieursbureaus en andere marktpartijen.
Het Kennisprogramma Zeespiegelstijging is in 2019 gestart op initiatief van de minister van Infrastructuur en Waterstaat en de deltacommissaris. Het doel was in beeld te brengen hoe we Nederland kunnen blijven beschermen tegen overstromingen en verzilting. Daarbij is gekeken naar de huidige aanpak voor waterveiligheid met waterkeringen, kunstwerken, en zandsuppleties en naar de beschikbaarheid van zoetwater bij een zeespiegelstijging tussen een halve en vijf meter. Voor de lange termijn (na 2100) zijn mogelijke alternatieven verkend: meegroeien, meebewegen, zeewaarts en beschermen met open of gesloten verbindingen naar zee. Daarbij is ook in beeld gebracht wat globaal de gevolgen zijn voor onder meer de landbouw, natuur en scheepvaart.
Minister Karremans (Infrastructuur en Waterstaat): 'Nederland en de zee zijn al eeuwen met elkaar verbonden. En ook de komende eeuwen zullen we de strijd tegen de zee voortzetten. Deze strijd verandert, want de omstandigheden veranderen door een stijgende zeespiegel. Goed dat we door dit uitgebreide onderzoek weten op welke wegen we verder kunnen, en ook waar de aandachtspunten liggen om die wegen in te slaan. Een derde deel van ons land ligt onder zeeniveau, maar we zorgen dat we veilig blijven. Niet voor niets staan we internationaal bekend om onze expertise in waterbeheer.'
Deltacommissaris Co Verdaas: 'Nederland is de best beschermde delta ter wereld. De zeespiegelstijging en de toenemende verzilting stellen ons voor nieuwe uitdagingen. Met al het onderzoek dat we in het Kennisprogramma hebben gedaan kunnen we nu de volgende stappen zetten om ons voor te bereiden. We kunnen dit, maar het gaat veel geld en ruimte kosten om hier ook op de lange termijn veilig te kunnen blijven leven. We moeten voortdurend blijven werken aan onze bescherming tegen de zee en leren leven met minder zoetwater. De verzilting die nu al toeneemt, wordt sterker door zeespiegelstijging.'
Het Kennisprogramma Zeespiegelstijging laat zien dat de huidige strategie met waterkeringen en open-afsluitbare stormvloedkeringen nog lange tijd houdbaar is. Technisch gezien kunnen we met de huidige aanpak een zeespiegelstijging tot zeker 3 meter aan. Naast voldoende geld en menskracht is het wel een voorwaarde dat er voldoende ruimte wordt gereserveerd voor toekomstige dijkversterkingen en er voldoende locaties voor de winning van zand en klei zijn om de keringen te versterken.
Naarmate de zeespiegel verder stijgt, zijn meer ingrijpende keuzes nodig die grote maatschappelijke impact hebben. Voor de lange termijn zijn er verschillende mogelijkheden die gecombineerd kunnen worden om Nederland veilig en leefbaar te houden. Het is van belang dat die voorbereidingen tijdig worden gestart omdat grootschalige maatregelen voor de toekomstige bescherming tegen de zee veel tijd vragen. Daarbij is het belangrijk dat de kustregio’s op tijd duidelijkheid hebben, zodat ze er bij hun ruimtelijke plannen rekening mee kunnen houden.
De bevindingen van het Kennisprogramma Zeespiegelstijging in het kort zijn te vinden in deze onepager. Lees de onderzoeken en het hoofdlijnenrapport via de pagina's van het Kennisprogramma Zeespiegelstijging.