Deltaplan Ruimtelijke adaptatie

In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie staan alle projecten en maatregelen die ervoor gaan zorgen dat Nederland in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig is ingericht. Het plan is ingevuld voor de komende zes jaar en voor de zes jaar daarna op hoofdlijnen. Het biedt ook een doorkijk tot 2050.

Onderdeel van het jaarlijkse Deltaprogramma is het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie. Hierin staat hoe gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk het proces van ruimtelijke adaptatie willen versnellen en intensiveren. Daarvoor zijn zeven ambities in dit deltaplan opgenomen (hieronder uitgelicht). Het deltaplan geeft aan welke doelen de partijen nastreven, hoe ze daaraan gaan werken en hoe ze de resultaten in beeld brengen. Bij het deltaplan hoort een actieplan met concrete acties en maatregelen. De overheden werken met elkaar samen in 42 werkregio’s.

Kwetsbaarheden in beeld

Inzicht in de kwetsbaarheid voor weersextremen en klimaatverandering is de basis voor ruimtelijke adaptatie. Daarom hebben gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk uiterlijk in 2019 samen met betrokkenen de kwetsbaarheden in hun gebied in kaart gebracht met zogeheten stresstesten. Een voortgangsrapportage heeft laten zien dat de werkregio’s die ambitie hebben behaald. Vanaf 2020 worden de resultaten van de stresstesten gedeeld op het Kennisportaal Ruimtelijke adaptatie. De stresstesten worden zesjaarlijks herhaald, en daarnaast ook bij nieuwe ontwikkelingen in de openbare ruimte.

Risicodialogen en strategie 

De risicodialoog is de stap tussen de stresstest en het maken van een uitvoeringsagenda. Tijdens een risicodialoog komen de kwetsbaarheden aan bod voor wateroverlast, hittestress, droogte en overstromingsrisico’s. De deelnemers, bepalen samen welke risico’s zij wel of niet acceptabel vinden, maken afgewogen keuzes en komen tot ambities die kunnen worden beschreven in een klimaatadaptatiestrategie. Het is een proces-op-maat, dat bestaat uit meerdere gesprekken met allerlei partijen. Landelijk zijn geen richtlijnen voor de risicodialoog afgesproken; dit is maatwerk per gebied.

In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie is afgesproken dat de risicodialogen uiterlijk in 2020 gevoerd zijn en minimaal iedere zes jaar plaatsvinden. In de voortgangsreportage geeft ruim 75% van de gemeenten, waterschappen en provincies aan dat de risicodialogen voor eind 2020 zijn gevoerd. Ter ondersteuning van de overheden is eind 2019 de Routekaart Risicodialoog  gelanceerd. Deze helpt bij het bepalen van de route via drie stappen van de dialoog: voorbereiden, gesprek voeren en afronden.

Uitvoeringsagenda’s

In uitvoeringsagenda’s worden per regio - lokaal of op grotere schaal - afspraken vastgelegd over wat, wanneer en door wie wordt uitgevoerd in de periode vanaf 2021. Het gaat daarbij onder meer om concrete maatregelen, acties gericht op het activeren van andere betrokkenen, borging in beleid en organisatie, bewustwording en nader onderzoek. Bijna 20% van de gemeenten, waterschappen en provincies geeft aan een uitvoeringsagenda te hebben vastgesteld voor wateroverlast. Voor hitte, droogte en overstromingen is dit in 10% van de gemeenten het geval.

Meekoppelkansen

Steeds vaker wordt nagedacht over het slim meekoppelen van klimaatadaptatiemaatregelen met andere opgaven in de fysieke leefomgeving. Zeker in stedelijk gebied biedt dit meekoppelen allerlei kansen: de uitvoering van maatregelen kan versnellen, er is minder vaak overlast voor inwoners en bedrijven en er zijn financiële voordelen. Kansen voor meekoppelen zijn er bijvoorbeeld rond de energietransitie, de woningbouwopgave en de reguliere cyclus van groot onderhoud en renovatie van gebouwen en de openbare ruimte. Binnen het Deltaplan zijn daarvoor verschillende initiatieven. Zo is er een Handreiking Slim Koppelen Klimaatadaptatie verschenen en is klimaatadaptatie uitdrukkelijk onderdeel gemaakt van de verstedelijkingsstrategie voor de Metropoolregio Amsterdam.

Stimuleren en faciliteren

De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft in 2019 en 2020 financiële middelen ter beschikking gesteld voor het stimuleren en faciliteren van klimaatadaptatie. Daarvan is € 10 miljoen besteed aan pilots en € 5,7 miljoen aan procesondersteuning. Decentrale overheden hebben voor beide onderdelen minimaal de helft van de kosten zelf ingebracht. Ook zijn pilots ‘Financiële prikkels voor klimaatadaptatie op eigen terrein’ ondersteund. Na 2020 komen extra middelen beschikbaar via een tijdelijke impulsregeling. Decentrale overheden stimuleren en faciliteren klimaatadaptatie op verschillende manieren binnen hun eigen organisatie, maar ook bij inwoners, woningbouwcorporaties en bedrijven. Platform Samen Klimaatbestendig draagt sinds 2018 actief bij aan het uitwisselen van ervaringskennis tussen decentrale overheden, private partijen en onderdelen van het Deltaprogramma. 

Reguleren en borgen

Het Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie ondersteunt overheden en marktpartijen in de ambitie om de doelen doelmatig en effectief te borgen. Dit gebeurt bijvoorbeeld via het Overleg Standaarden Klimaatadaptatie (OSKA ), door het delen van handreikingen voor het borgen van klimaatadaptatie in omgevingsvisies, plannen en uitvoeringsagenda’s, en door het delen van goede voorbeelden en kennis over de uitvoeringspilots. De handreikingen, voorbeelden en uitvoeringspilots zijn te vinden op het Kennisportaal Ruimtelijke adaptatie.

Handelen bij calamiteiten

vEr zal altijd een kans blijven bestaan dat schade en overlast ontstaan door hevige neerslag, droogte, hitte of een overstroming. Dit wordt ‘restrisico’ genoemd. Ook over dit restrisico wordt in de risicodialoog gesproken. Gezamenlijk wordt bepaald wat een overheid moet doen en wat een  burger/bedrijf zelf kan en moet doen om schade te beperken bij een calamiteit. De risicodialoog maakt in de loop van 2020 verder duidelijk wie verantwoordelijk is voor welke schade. De dialoog leidt ook tot aanbevelingen over acties en maatregelen om beter om te gaan met een restrisico, of dit te beperken.