Onderzoeken Zoetwater (2022-2027)

De droogte van 2018 heeft laten zien dat een goede zoetwatervoorziening in Nederland van groot belang is. Binnen het Deltaprogramma Zoetwater onderzoeken verschillende partijen wat ervoor nodig is om de zoetwatervoorziening tot en met 2050 op niveau te houden – en om die voor te bereiden op de toekomst daarna. Dit heeft in 2021 geleid tot maatregelen voor de tweede fase: Deltaplan Zoetwater 2022-2027.

In de afgelopen fasen van het Deltaprogramma is al veel kennis en ervaring opgedaan met het in beeld brengen van de zoetwateropgave en het bepalen van de (kosten)effectiviteit van maatregelen. Resultaten van de onderzoeken daarvan vindt u hier. Hieronder staat een overzicht van recenter onderzoek, dat deels doorloopt binnen het Deltaprogramma Zoetwater Fase II (2022 tot en met 2027).

Waterprofiel

De droogte van 2018 heeft niet tot significante schade geleid voor de industrie. Wel zijn op meerdere locaties knelpunten opgetreden. Om economische schade in de toekomst ook beperkt te houden zijn communicatie en informatievoorziening sleutelfactoren. De Beleidstafel Droogte heeft daarom in 2019 aanbevolen om het instrument ‘waterprofiel’ uit te werken. Het waterprofiel heeft als doel om informatie over industrieel watergebruik beter te ontsluiten en daarmee de kwaliteit van de informatievoorziening en besluitvorming te verbeteren. Naar aanleiding van de aanbevelingen van de Beleidstafel Droogte hebben de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat en Economische Zaken en Klimaat tezamen met de VEMW het initiatief genomen een pilot waterprofielen industrie te starten. Doel van de pilot is om binnen het pilotgebied het instrument van een waterprofiel verder uit te werken. Download het eindrapport en de bijbehorende documenten hier

Stresstest voor het Deltaprogramma Zoetwater Fase II

Het Deltaprogramma Zoetwater heeft een stresstest voor het IJsselmeergebied laten uitvoeren om in beeld te krijgen welke zoetwaterknelpunten overblijven als de maatregelen van het Deltaplan Zoetwater fase 2 klaar zijn. De aanleiding voor de stresstest waren de droogte in 2018 en nieuwe ontwikkelingen in vraag en aanbod van water. In de stresstest is rekening gehouden met nieuwe kennis over een lagere afvoer van de IJssel, toenemende watervraag voor het peilbeheer en een grotere doorspoelvraag om zoutindringing in het IJsselmeer tegen te gaan. De stresstest laat zien dat deze ontwikkelingen een extra druk op de buffervoorraad in het IJsselmeer en Markermeer geven. In het IJsselmeergebied en West-Nederland neemt is ook meer water nodig voor de bestrijding van bodemdaling en veenoxidatie. In droge perioden leidt tot extra watertekorten.

Het effect van onderwaterdrainage en passieve peilstijging in veenweidegebieden op knelpunten in de zoetwatervoorziening

Het vernatten van veenweidegebieden is een belangrijke maatregel bij het halen van de klimaatdoelstellingen. Deze maatregel vraagt echter extra water, dat vanuit het oppervlaktewatersysteem moet worden aangevuld. In droge zomers kan dit water niet altijd geleverd worden, en de extra wateraanvoer gaat ten koste van andere watergebruikers zoals beregening en doorspoeling. Deltares onderzocht voor het Deltaprogramma Zoetwater wat de consequenties zijn voor de zoetwatervoorziening als het veenweidegebied op grote schaal wordt natgehouden.

Droogte in zandgebieden Zuid-, Midden- en Oost-Nederland

In de jaren 2018, 2019 en 2020 is er sprake geweest van droogte op de hoge zandgronden van Nederland. Sinds begin 2019 werken de bij droogte betrokken overheden en maatschappelijke organisaties samen met kennisinstituten en adviesbureaus aan een droogte-onderzoek, waar deze rapportage deel van uitmaakt. Het onderzoek betreft een analyse van de mate van de droogte, de effecten van menselijke ingrepen en de gevolgen voor natuur en landbouw met een doorkijk naar de effectiviteit van mogelijk uit te voeren maatregelen. Om de effecten van droogte op landbouw, natuur en het watersysteem te reduceren, zijn structurele maatregelen nodig tot in de haarvaten van het watersysteem. Lees de managementsamenvatting of het volledige rapport.

Hydrologische en economische effecten van twee maatregelpakketten

Dit rapport beschrijft de hydrologische en economische effecten van een deel van het bestuurlijke Voorkeurspakket en een deel van het Economisch kansrijk pakket van het Deltaprogramma Zoetwater fase II. Deze effecten zijn berekend met het Nationaal Water Model en de effectmodules landbouw en scheepvaart, en zijn gebruikt als input voor de maatschappelijke kosten-batenanalyse van het bestuurlijke Voorkeurspakket, zoals uitgevoerd door Stratelligence. De hydrologische en economische effecten van deze maatregelpakketten zijn geanalyseerd voor een scenario met huidig klimaat en geen socio-economische verandering (Ref2017) en voor een extreem scenario met sterke klimaatverandering volgens het KNMI’14 Wh-scenario in combinatie met socio-economische groei (Deltascenario Stoom2050). Het scenario Ref2017 wordt in de maatschappelijke kosten-batenanalyse tevens gebruikt als onderkant van de bandbreedte van de effecten in zichtjaar 2050.

Uitgangspunten en modelimplementatie Voorkeurspakket en Economisch pakket Deltaprogramma Zoetwater fase 2

Dit technische rapport beschrijft hoe de twee maatregelenpakketten in het Nationaal Water Model zijn geïmplementeerd.

Economische analyse Zoetwater

Stratelligence voert, in opdracht van het Deltaprogramma Zoetwater, een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) uit. Dit gebeurt in samenwerking met Deltares en Witteveen en Bos, op basis van modellen en effectmodules ontwikkeld door partijen als Deltares, WEcR, KWR, en Ecorys. Dit heeft geleid tot dit rapport. Het rapport bevat een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) van het pakket van maatregelen dat wordt voorgesteld voor de nieuwe deltabeslissing zoetwater (DP fase 2) in 2021 voor de periode 2022-2027: het voorkeurspakket. Dit is een verschilanalyse. Voor de verschillende Deltascenario’s worden de economische effecten van het voorkeurspakket vergeleken met de effecten van veranderende waterbeschikbaarheid bij voortzetting van het huidige beleid (het nulalternatief).

Effectmodules in het Deltaprogramma Zoetwater

Om economisch onderbouwde afwegingen te kunnen maken voor het Deltaprogramma Zoetwater zijn vijf effectmodules ontwikkeld die het effect van droogte en zoetwatermaatregelen op de hydrologie vertalen in een economisch effect op de maatschappij. Deze modules sluiten technisch aan op het Nationaal Water Model. Hiermee kan het huidige en toekomstige droogterisico worden berekend, maar ook de baten van zoetwatermaatregelen. 

Maatregelverkenning DP Zoetwater 2019

Als bouwsteen voor het komen tot kansrijke maatregelpakketten voor fase 2 van het Deltaprogramma Zoetwater, verkent dit rapport de effecten van individuele maatregelen op de waterverdeling en watertekorten in de wateraanvoergebieden in NL. Watertekorten en rivierafvoeren zijn daarnaast vertaald naar een welvaartseffect op de sectoren landbouw en scheepvaart. 

Verdelingsvarianten Hoofdwatersysteem

De droogte van 2018 heeft laten zien dat een goede zoetwatervoorziening in Nederland van groot belang is. Deze rapportage betreft een eerste verkennende studie naar verdelingsvarianten in het hoofdwatersysteem. Deze studie kan dienen als inspiratie voor het opstellen van een visie voor het hoofdwatersysteem. Deze routekaart beschrijft stappen richting een een samenhangend zoetwaterplan. Dit rapport is een verkenning naar kansrijke strategieën en  maatregelen  voor een “klimaatbestendig hoofdwatersysteem Zoetwater”, voorheen Stuurbaar Buffernetwerk (SBN) genoemd.

Verkenning kansrijke maatregelen waterbeschikbaarheid Maas

Deze rapportage beschrijft de resultaten van een verdiepingsslag op de maatregelen die zijn benoemd in het kader van verbetering van de waterbeschikbaarheid op de Maas. Deze maatregelenlijst is samengesteld in een serie bijeenkomsten van de werkgroep Pilot Maas waarin alle waterbeheerders en relevantie stakeholders zijn vertegenwoordigd.

Geactualiseerde knelpuntenanalyse voor het Deltaprogramma Zoetwater fase II

Dit rapport brengt in beeld wat de huidige en mogelijk toekomstige knelpunten in de zoetwatervoorziening in Nederland zijn op basis van de meest recente berekeningen met het Nationaal Water Model (‘Basisprognoses2018’). Hierbij is voor vijf regio's geanalyseerd hoe watervraag en -tekort zich in de toekomst kunnen ontwikkelen onder invloed van klimaatveranderingen en sociaaleconomische ontwikkelingen. De analyse is later uitgebreid met hydrologische effecten van Parijs-maatregelen en een doorkijk naar zichtjaar 2100. Resultaten zijn beschreven in dit memo.

Regioscan Zoetwatermaatregelen

Met vaker voorkomende droge zomers kijken waterbeheerders en agrariërs naar maatregelen om de zoetwater zelfvoorzienendheid van boerenbedrijven te vergroten. Maar welke maatregel is waar het beste toe te passen? De Regioscan Zoetwatermaatregelen is een instrument om waterbeheerders op regionaal niveau snel inzicht te geven in de effecten, kosten en baten van zoetwatermaatregelen op boerenbedrijven. De Regioscan geeft daarmee inzicht in de kansrijkheid van deze maatregelen op basis van deze kosten en baten. De Regioscan kan hiermee de uitwerking van de maatregelpakketten in gebiedsprocessen ondersteunen. De Regioscan kan onder meer worden ingezet om een eerste verkenning te doen naar de kansrijkheid van maatregelen, als communicatietool om het gesprek met gebruikers op gang te brengen en om een inschatting te maken van het effect van lokale maatregelen op de watervraag. De Regioscan Zoetwatermaatregelen is niet bedoeld voor bedrijfsadvisering aan specifieke boerenbedrijven.

In 2017 is de eerste, proof-of-concept, versie van het instrument Regioscan Zoetwatermaatregelen gereed gekomen (Delsman et al., 2018). De Regioscan Zoetwatermaatregelen is sindsdien verder doorontwikkeld: de Regioscan is landsdekkend toepasbaar gemaakt en heeft een gebruiksvriendelijke interactieve interface gekregen.

Analyse van de 100-jarige reeks ten behoeve van de Knelpuntenanalyse Zoetwater 2017

Deze rapportage beschrijft de resultaten van de eerste 100-jarige berekening met het Nationaal Water Model (NWM) met het oog op de Knelpuntenanalyse Zoetwater voor het Deltaprogramma Zoetwater. De 100-jaar reeks is gebaseerd op de referentiesituatie en de klimaatontwikkelingen volgens de KNMI-scenario’s 2014 en de WLO 2006-scenario’s voor de sociaaleconomische ontwikkelingen.

Hotspotanalyses voor het Deltaprogramma Zoetwater

Dit rapport is een bundeling van zogenaamde hotspotanalyses. Een hotspot is gedefinieerd als: een geografisch afgebakend gebied in het hoofd- of regionale watersysteem waar we nog zoetwaterknelpunten verwachten en waar een keus in de waterverdeling of -voorziening leidt tot een (potentieel) significante belangenafweging tussen gebruiksfuncties of gebieden. Het gaat om de volgende hotspots: Midden-rivieren, Noordzeekanaal/Amsterdam-Rijnkanaal, Rijn-Maasmonding, IJsselmeer, Twentekanalen, Maas en Hoge Zandgronden/grondwater. 

Maatregelverkenning voor het Deltaprogramma Zoetwater

Dit rapport beschrijft de modelberekeningen en analyses die zijn uitgevoerd om tot een eerste beeld te komen van de effecten van mogelijke maatregelen voor de zoetwatervoorziening van Nederland in de huidige situatie en voor Deltascenario Warm2050. Hierbij ging het voornamelijk om maatregelen die tot bovenregionale afwegingen kunnen leiden. 

Vertaling van Deltascenario’s 2017 naar modelinvoer voor het Nationaal Water Model

De rapportages over de geactualiseerde Deltascenario’s zijn hier te vinden. Deze rapportage beschrijft hoe geactualiseerde Deltascenario’s voor het zichtjaar 2050 en de nieuwe Referentie voor het Deltaprogramma Zoetwater vertaald zijn naar modelinvoer van de modellen die in het Nationaal Water Model zijn opgenomen.

Uitgangspunten variant Parijs en zichtjaar 2100

Deze memo beschrijft hoe de variant Parijs (2050) en zichtjaar 2100 voor de vier geactualiseerde Deltascenario’s vertaald zijn naar modelinvoer van de modellen die in het Nationaal Water Model zijn opgenomen.