De uitvoering van het nationaal Deltaprogramma draagt bij aan het behouden en versterken van alle functies van het IJsselmeergebied, nu en in de toekomst. Voor dit gebied zijn een deltabeslissing en voorkeursstrategie opgesteld.
Het IJsselmeergebied is de spil van de Nederlandse waterhuishouding. Het herbergt bijzondere waarden voor natuur en cultuurhistorie. De Afsluitdijk heeft in het hele gebied meer veiligheid gebracht en landaanwinning mogelijk gemaakt. Ook is een zoetwatervoorraad gecreëerd waar drinkwatervoorziening, landbouw, industrie en natuur in een groot deel van Nederland van profiteren. De samenleving maakt op allerlei manieren gebruik van de meren en de oevers, bijvoorbeeld voor recreatie en scheepvaart.
Opgaven
De zeespiegel stijgt mogelijk sneller dan verwacht. Hierdoor wordt het bij de huidige meerpeilen moeilijker om IJsselmeerwater naar de Waddenzee te spuien. Tegelijkertijd stroomt er in extreem natte omstandigheden meer rivierwater naar het IJsselmeer. Zo bereikte het peil van het IJsselmeer en Markermeer in de hoogwaterperiode 2023-2024 recordhoogtes, ook omdat de wind de spuimogelijkheden beperkte. Als we niets doen, komt de waterveiligheid in het IJsselmeergebied onder druk te staan en treedt vaker wateroverlast in buitendijkse gebieden op.
Bij langere perioden van droogte is zoetwatervoorraad in het IJsselmeer en Markermeer belangrijk. Rijkswaterstaat houdt de zoetwatervoorraad zo goed mogelijk op peil door minder te spuien. In de toekomst wordt dit lastiger doordat verdamping toeneemt, en het vaker en langer droog zal zijn en aanvoer via de IJssel vaker laag is. Tegelijkertijd leiden economische ontwikkelingen, het remmen van bodemdaling en de gevolgen van klimaatverandering tot een grotere zoetwatervraag. Ook is zoet water nodig om zout dat bij de Afsluitdijk binnenkomt weer weg te spoelen. Vanwege deze ontwikkelingen wordt de opgave in het IJsselmeergebied groter.
Generieke deltabeslissingen
Om de functies van het IJsselmeergebied ook in de toekomst te behouden, is het belangrijk flexibel in te spelen op ontwikkelingen en nieuwe inzichten. De basis daarvoor staat omschreven in de drie generieke deltabeslissingen van het Deltaprogramma: Waterveiligheid, Zoetwater en Ruimtelijke adaptatie.
Daarnaast is er een Deltabeslissing IJsselmeergebied, waarin keuzes zijn gemaakt vanuit nationaal belang. Deze deltabeslissing gaat specifiek over het peilbeheer van het IJsselmeer en Markermeer in relatie tot de zoetwatervoorziening, waterveiligheid en de waterafvoer naar de Waddenzee. In de Deltabeslissing uit 2014 en het Nationaal Water Programma (NWP) staat dat het Rijk het gemiddelde winterpeil in het IJsselmeer en Markermeer zal handhaven volgens het Peilbesluit IJsselmeergebied (vastgesteld 2018). Wel moet bij versterken van dijken en andere waterkeringen, afwatering vanuit regionale wateren en het gebruik van buitendijkse gebieden rekening gehouden worden met een mogelijke stijging van het gemiddelde winterpeil met 30 cm en een toename van (zeer) hoge meerpeilpieken. Waterafvoer van het IJsselmeer naar de Waddenzee vindt plaats door een combinatie van spuien en pompen (vanaf eind 2026) bij de Afsluitdijk.
Met het Peilbesluit uit 2018 is een waterschijf van 20 cm voor de zoetwatervoorziening geborgd door de introductie van een flexibel peilbeheer tijdens de zomer. De zoetwatervoorraad wordt stapsgewijs verder vergroot. In eerste instantie tot 30 cm en vervolgens wordt verkend of vergroting tot 50 cm haalbaar is. Nieuwe ruimtelijke ontwikkeling moeten hier al op anticiperen. Mocht het peilbeheer in de toekomst wijzigen, bijvoorbeeld voor een grotere zoetwatervoorraad, wordt ook gekeken hoe hiermee betere omstandigheden voor de natuur gecreëerd kunnen worden.
Voorkeursstrategie IJsselmeergebied
Om regionaal integraal invulling te geven aan de deltabeslissingen is een voorkeursstrategie voor het IJsselmeergebied opgesteld. Die omschrijft doelen en maatregelen voor het op orde houden van de waterveiligheid en de zoetwatervoorziening en het vergroten van de flexibiliteit. Hierbij zijn regionale toekomstvisies en het plannen van investeringen met een lange levenscyclus van groot belang.
- Waterveiligheid:
- Handhaven van het meerjarig gemiddelde winterpeil op het IJsselmeer en het Markermeer doordat tijdig voldoende afvoercapaciteit op de Afsluitdijk wordt gerealiseerd. Dit mede om te voorkomen dat er een extra opgave voor het versterken van dijken en andere keringen ontstaat.
- Spuien als het kan, pompen als het moet.
- Zoetwaterbeschikbaarheid:
- Flexibel peilbeheer conform het peilbesluit op het IJsselmeer en het Markermeer tijdens de zomerperiode.
- Zorgvuldig omgaan met water en besparen op gebruik.
- Voor de zoetwatervoorraad in het IJsselmeergebied is het belangrijk dat er voldoende water naar het Pannerdensch Kanaal wordt geleid in perioden dat dat kan. Met flexibel beheer van stuw Driel kan het beschikbare rivierwater beter worden ingezet waar het nodig is.
